Vinyl & Celluloid

Een blog over vinyl en film

Emerson, Lake & Palmer – Works Volume 1

Works, later opnieuw uitgebracht als Works Volume 1 is het vijfde album van de band Emerson, Lake & Palmer. Het album kwam uit nadat de band terug kwam van 3 jaar durende hiatus. Deze had de band hard nodig gehad vanwege hun hoge output qua albums: 1970, 1971, 1971, 1972 en 1973. Helaas begon met dit album ook hun afname in populariteit. Niet lang na het uitkomen van dit album viel de groep uit elkaar in 1979. In 1978 werd nog wel het album Love Beach uitgebracht, maar dit album werd enkel uitgebracht om rechtzaken van de platenmaatschappij te voorkomen omdat de heren contractueel nog 1 album moesten maken. Alle drie de bandleden hebben publiekelijk afstand genomen van het album.

Toen het album uitkwam werd het met gemengde gevoelens ontvangen door zowel de fans als de critici. Het album week af van de sythesiser muziek die de heren normaal uitbrachten. Het album is een dubbelalbum waarbij elk lid 1 kant kreeg om vol te stoppen, ingespeeld door de andere leden van de band, met de 4e kant als groepsproject. Kant 1 van het album is van Keith Emerson. Deze hele kant van het album bestaat uit 1 nummer: Piano Concerto No 1. Emerson werd bijgestaan door het London Philharmonic Orchestra voor de opname van het nummer. Kant 2 werd ingevuld door Greg Lake en bestaat uit akoestische ballads die door hem en door Peter Sinfield. Kant 3, de kant van Carl Palmer, bevat onder andere een remake van het nummer Tank dat op het eerste album van de groep stond. Het nummer bevat nu echter orkestrale instrumenten en de drumsolo van Palmer zelf is weggelaten. Op het nummer L.A. Nights is Eagels gitarist Joe Walsh gebruikt voor de gitaar- en zangpartijen.

De 4e kant van het album was het enige groepsproject van het album en komt daardoor ook het dichts bij wat de band voorheen uitbracht op zijn albums. Het eerste nummer is een nieuw arrangement van het nummer Fanfare fot the Common Man. Het stuk komt oorspronkelijk uit 1942 en werd gecomponeerd door Aaron Copland. Hij werd, in tegenstelling tot ander klassiek ge”inspireerd werk van de band, vermeld op het album als de bron van inspiratie voor het nummer. Dit werd waarschijlijk gedaan omdat Copland nog leefde toen het nummer werd opgenomen en uitgebracht. Naar het schijnt was Copland vereerd met de opname en vond hij het een mooie bewerking van zijn eigen stuk.

Op deze laatste kant van het album maakte Emerson gebruik van de Yamaha GX-1 synthesiser. Dit was een analoog apparaat van grote omvang en was een doort van test voor toekomstige synthesisers voor professionals en thuisgebruik. Emerson noemde het apparaat ook wel de nachtmerrie van de raodies vanwege het hoge gewicht van het bakbeest. Emerson heeft 2 van deze synthesisers gehad, zijn eerste werd overreden door een losgeslagen traktor, waarnu het de GX-1 van John Pail Jones kocht van Led Zeppelin. Stevie Wonder gebruikte ook een GX-1 op zijn Songs in the Key of Life album en ook Rick van der Linden van Ekseption had er eentje. Hans Zimmer kocht uiteindelijk een GX-1’s van Keith Emerson.

Verder Bericht

Vorige Bericht

Laat een reactie achter

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

© 2021 Vinyl & Celluloid

Thema door Anders Norén